Het werk van mijn vader…
Op zaterdag 12 april 2008 geschreven door Bertus
Iedere morgen ging hij er lopend en later op de fiets heen van Overschie naar Rotterdam Centrum : Zijn werk. Plichtsgetrouw en nooit ziek. Heeft eens onderweg met zijn fiets een ongeluk gehad en zijn enkel gebroken. Nog geprobeerd, met gebroken enkel, op het werk te komen. Niet gelukt…
Mijn vader was typograaf (ik mocht geen drukker zeggen!) Hij had mijn moeder indertijd ook op het werk leren kennen ergens in de jaren ‘50 : zij was boekbindster.
Soms liep ik langs zijn werk (in het centrum van Rotterdam) maar ik ben er nooit binnen geweest. Wel kreeg ik vaak papier (misdrukken waar ik op achterzijde mooi kon tekenen en zo) van de beste kwaliteit.
Op vrijdag kwam hij thuis met een bruin envelopje met het salaris erin voor die week. Half Nederland liep waarschijnlijk op vrijdagmiddag met het salaris over straat. Hij kreeg zelfs een tweede envelopje mee voor een zieke collega die in de buurt woonde. Moet je nu eens proberen zonder overvallen te worden.
Het geld werd netjes aan mijn moeder gegeven die het verdeelde over de verschillende vakken van het Brabantia doosje. Keurig en vertrouwd.
Maar die andere wereld, de plek waar het geld vandaan kwam, heb ik nooit gezien.
23 reacties op “Het werk van mijn vader…”
Laat een reactie achter
Schitterend Bertus, echt een fantastische sfeerimpressie vanuit je belevingswereld als kind. Blijkbaar vond je dat werk van je vader een saaie aangelegenheid. Maar voor je vader was dat zelfde werk waarschijnlijk de spil waar zijn gezin om draaide. Anders probeer je niet om met een gebroken enkel gewoon aan de slag te gaan bij de baas.
Dat wekelijkse loonzakje kan ik me ook nog herinneren maar dan wel vanuit een moderne invalshoek. Ik ontwikkelde destijds de bedrijfssoftware waarmee sigarenfabriek Henri Wintermans te Eersel de wekelijkse salarissen uitbetaalde aan haar medewerkers. Dat was een betaling in klinkende munt maar alle centen onder het dubbeltje werden “geparkeerd” voor de volgende weekbetaling. Het programma dat ik daarvoor maakte heette pasmunt. Het berekende hoeveel briefjes van honderd, vijfentwintig, tien en vijf gulden in het loonzakje moesten worden gestopt en vervolgens hoeveel muntstukken ter waarde van een rijksdaalder, een gulden, een kwartje en een dubbeltje moesten worden toegevoegd. Aan stuivers deden ze niet bij Wintermans, dus liep je als medewerker het risico dat je nog recht had op 9 cent waarop je een week moest wachten. Naar verluid hebben de bonden daarover moeilijk gedaan tijdens de CAO onderhandelingen voor de sigarenindustrie.
Mooi verhaal Bertus. Ondanks dat ik nog ‘jong’ ben heb ik ook nog wekelijks een bruin zakje met een smal strookje gehad met mijn salaris.
MIjn vader heb ik nooit op zijn werk gezien, sterker nog ik heb mijn vader nooit gezien, maar dat is een ander verhaal.
Mijn moeder moets voor 7 kinderen zorgen dus die werkte bij verschillende bedrijven als schoonmaakster. Het meest indrukwekkende bedrijf was wel Langeveld, Vos, de Waal(een verzekeringsbedrijf) in Amsterdam aan de Grote Bickerstraat. Het was het enige moderne gebouw in de buurt. Ik was best trots dat mijn moeder daar werkte en mocht toen ik nog klein was ook wel eens met haar mee.
Dan zag je al die voorname mensen in pakken belangrijke dingen doen, maar je wist niet wat ze nu eigenlijk deden. Het leek op kantoortje spelen (hahahaha). Mijn moede had haar eigen kast en daarvandaan gongs ze elke dag met een karretje het bedrijf door om de boel schoon te houden. Heel indrukwekkend. Zelf ben ik wel eens op een kantoor werkzaam geweest, maar dat duurde niet lang. Het beviel mij niet.
Wat ik met jou verhaal ook associeer is dat bij een bedrijf daar waar vader werkte, meestal ook een zoon of dochter kwam te werken. Vooral bij bedrijven in de provincie was dat het geval(Bij Philips een baan voor het leven).
Mooi verhaal Bertus, bedankt
In de periode van m’n jeugd was m’n vader werkvoorbereider bij een middelgrote fijnmechanische machinefabriek in Den Haag, in de buurt van de Laakhaven. Het bedrijf was gespecialiseerd in industrieële oliebranders, maar deed daarnaast ook werk voor derden. Ik herinner me landingspoten voor de F-104 Starfighter, medische apparatuur en de omkasting voor filmprojectoren voor bioscopen. Het werk van m’n vader hield in dat van de onderdelen, die gemaakt gingen worden, alle machinale bewerkingen gedetailleerd werden beschreven, met tijdsduur, benodigd gereedschap en op welke machine het werd uitgevoerd. Als het erg druk was, nam hij soms een stapel kaarten mee naar huis om in het weekend te werken. Ik snapte niets van het geheel, maar m’n vader kon met z’n ervaring achter de machines alles fluitend afhandelen.
In die tijd hadden scholen op zaterdag al vrij en het bedrijfsleven nog niet. Dan ging ik vaak m’n vader van het werk ophalen. Als techneutje in de dop mocht ik in de werkplaats rondkijken en zelfs bij enkele machines, staande op een kist, aan wielen draaien en op knoppen drukken. Ik was altijd weer onder de indruk van het geweld, dat je met die simpele handelingen kon ontketenen. Toen ik later naar de LTS ging, had ik dus redelijk wat “ervaring” met machines opgedaan.
Later is het bedrijf naar Rijswijk verhuisd en is m’n vader opgeklommen tot bedrijfsleider van de machinale bewerkingen.
Halverwege m’n studie aan de HTS is m’n vader overleden. Het bedrijf heeft daarna nog een deel van m’n studiekosten betaald, wat ik een hartverwarmend gebaar vond. Na m’n studie werd mij een baan aangeboden in het bedrijf, maar ik vond het moeilijk dat aan te nemen, want je blijft altijd “de zoon van”. Ik denk niet dat ik dezelfde gedrevenheid en dat vakmanschap maar in de verste verte kon benaderen.
Ik vond het wel een sterk gemis om zonder zijn adviezen aan m’n technische carrière te beginnen.
Mijn ouders hadden een boerderij, dus het werk van vader - en ook moeder die wel meehielp hoor - was ‘thuis’ en om en nabij thuis. Opgroeiend in een gehucht waren bijna alle ouders werkzaam in de landbouw, dus het was niets speciaals.
Vader was een akkerbouwer en in het bijzonder een aardappelboer. Hij kon lyrisch vertellen over de aardappel en toen ik jaren later tijdens mijn studie een verslag over ‘potato diseases’ moest schrijven, kreeg ik een heel verhaal van hem in geuren en kleuren. Je kon de verrotte vrucht van de pagina af ruiken!
Prachtig verhaal Bertus, hoewel niet direct voor mij herkenbaar; dat loonzakje is mij onbekend. Mijn vader was ambtenaar; hij was planoloog aan het provinciehuis te Den Haag en ik ben geloof ik twee keer op zijn werkplek geweest en als kind nooit begrepen waar zijn werkzaamheden uit bestonden. Als ik vragen mag Bertus, leeft je vader nog?
Schitterend verhaal, Bertus, en heel herkenbaar
ook!
Ook van mijn vader kan ik me niet goed herinneren dat hij wel eens ziek thuis was. Eén keer had hij zijn heup gebroken en moest hij een tijdje in het ziekenhuis blijven, maar verder… Elke dag ging hij met de auto van Rotterdam-Hillegersberg (waar wij woonden) naar zijn kantoor in Rotterdam-Centrum. Een beetje mysterieus was het wel: mijn vader was accountant en ik had eigenlijk geen idee wat dat betekende. Het had iets met boekhouden te maken, dat begreep ik nog, maar verder… Eén keer, toen ik klein was, mocht ik op een avond mee naar kantoor toen mijn vader iets wilde ophalen. Dat lege gebouw, dat uitstraalde dat er erg zakelijke dingen gebeurden, maakte een diepe indruk op me. Er was een wat grotere zaal met veel tafels, waar ouderwetse mechanische rekenmachines op stonden, met wat kassabon-papier dat er bovenuitkrulde. Terwijl mijn vader zijn ding deed in zijn kamer, nam ik mijn kans waar en ging achter één van de machines zitten en drukte op wat knopjes. Ik schrok toen de machine bij een bepaald knopje plots tot leven leek te komen en het papier ook een berekening liet zien die ik kennelijk gemaakt had. Ik rende weg, zwaar geschrokken, en was bang dat ik onherstelbare schade had aangericht. Gelukkig heeft het bedrijf mijn onbezonnen actie overleefd
Ik denk dat ik als kind diep in mijn hart liever niet volwassen wilde worden: mijn vaders wereld leek me helemaal niet aantrekkelijk. Later kon ik daar gelukkig anders tegen aan kijken.
Mijn vader had een eenmanszaak, een autoschadebedrijf wat hard werken was, zelfs op de zondagen was hij nog een paar uurtjes aan het werk, maar er waren ook weekenden dat hij de ‘tent’sloot en hij zei: Kom op jongens, we gaan naar v.d. Valk met zwembad in bijvoorbeeld Gilze Rijen en Nuland, gewoon een paar daagjes weg! In de zomervakanties zaten we heel veel in Spanje, daar gingen we altijd met het vliegtuig naartoe! Ik besef eigenlijk nu pas dat die man echt hard voor zijn gezin werkte en ons het beste gunde en dat is hem ook allemaal gelukkig gelukt! Mijn moeder hielp hem daar altijd bij en ons (de kids) had ze natuurlijk ook nog en oma die voor ons woonde, die toen later ziek werd en ze daar ook nog voor moest zorgen, wel met liefde, maar het werd wel zwaar achteraf…….
Al met al hebben we door al dat harde werken van mijn vader en moeder een prachtige jeugd gehad en dat blijf ik koesteren, dat zeker!
Mijn vader ging al in de VUT toen hij 55 jaar werd, hij had 40 jaar dit vak officieel uitgeoefend dus lekker jong om de boel te sluiten, het pand waar hij werkte was een huurpand dus kon de boel zo dicht gedaan worden, en eigenlijk net op tijd want de mileu inspectie werd vervelender in die tijd en het computertijdperk brak aan…..
Hij is nu 69 jaar en samen met mijn moeder (65) is hij nog kerngezond en ik hoop dat ze nog vele jaren in gezondheid door mogen gaan samen, maar vooral samen genieten!!!!
Leuk verhaal van Bertus.
Ook mijn vader was letterzetter (drukker) , maar toen ik eenmaal hoorde dat het ook typograaf werd genoemd en er werd gevraagd wat mijn vader deed altijd zei dat hij typograaf was .(klonk chiquer)
Wij woonden ook in Overschie en mijn vader ging altijd met de bus naar zijn werk.
Ook het bruine loonzakje en de brabantiadoos komen mij heel bekend voor.Mijn vader kreeg altijd wat zakgeld , maar de rest werd verdeeld in de brabantiadoos. welke teksten stonden er ook alweer op?Huur, gas ,elektra,verzekering,
Ik weet het niet meer .
Mooi verhaal Bertus!
Moet nu natuurlijk meteen aan mijn vader denken. In zijn jonge jaren was hij kleermaker op het confectiebedrijf van zijn Joodse zwagers. Na de oorlog ook nog even maar bij familie werken is niet altijd leuk en dus werd hij in de 50-er jaren kleurmaker. Het scheelde één letter zoals hij altijd zei maar een wereld van verschil. Slechts 1 dag werkte hij nog even bij een cacao fabriek in Amsterdam maar overal zat cacao in! Dus dat was niets voor hem.
Een behang-(en verf)fabriek, Rath&Doodeheefver, zocht personeel. Mijn vader ging elke dag op zijn Kaptein Mobilet brommertje er naar toe, tas achterop met broodtrommeltje daarin wit brood met abrikozen jam. Op een gegeven moment werd de helm in gevoerd, een knal gele!
Het werk in de fabriek was ook vies werk in dat opzicht dat mijn vader zijn overall alle kleuren van de regenboog had en zijn handen en hoofd ook vaak. Mijn vader ontwierp en mengde kleuren voor een behangpatroon.
Van hem heb ik zeker mijn gevoel en liefde voor kleuren geerfd?
Mijn vader had oog voor wat later “in” was. Elk jaar kregen wij thuis een nieuw behangetje. Soms vond mijn moeder het eerst vreselijk maar toch later….
Mijn vader kreeg ook zijn geld in een envelop. Toen het op de rekening van de bank gestort werd later moest mijn moeder er aan wennen. Ze haalde het geld direct van de rekening om het ook in het groene Brabantia (ja ook) geldkistje te verdelen. Elke week een bedrag te besteden.
Mijn vader vertelde weinig over zijn werk. Soms over een klein meningsverschil. Of over wat er fout gegaan was met machine 14. Later kwamen er Joegoslaven werken en mijn vader leerde hen Nederlands, werd hun maistro.
Toen de fabriek moest sluiten en werd overgenomen door een firma in Brabant stopte het werk voor mijn vader. Hij heeft het er erg moeilijk mee gehad om thuis te zijn. Hij was bijna 60 jaar en te oud om mee te gaan naar het zuiden. Ik ben nooit binnen geweest in de fabriek, heb er wel 2 foto’s van. Toen het gebouw werd afgebroken hebben we met het gezin voor hte hek gestaan en gekeken naar de ingegooide ramen. Triest! Mijn vader wees waar alles was geweest.
Op vrijdag 22 december 2006 geschreven door Eric Erres
Vader werkte op kantoor bij een oliemaatschappij in Botlek. Die van de Smurfen. Bus van half zeven, overstappen en pas rond die tijd weer thuis. Mopperend op de wachttijden en het verkeer, toen al.
Een enkele keer moest hij opeens in het weekend naar kantoor om papieren voor een tanker in te vullen: dan ging ik met hem mee en dwaalde door een leeg kantoor.
Zo’n taxi was een belevenis omdat wij autoloos waren. Een rijbewijs had mijn vader wel na twintig examens gehaald maar van een auto was het nooit gekomen. Iedere avond doken wij in zijn tas omdat hij altijd iets mee had genomen: postzegels, elastieken, oude telrolletjes, etc. Het werk liet zijn sporen na en eind vijftig gloorde de WAO. Een vader heel de dag thuis: een log op zich.
Citaat komt uit Kerstpakket.
@Frank : Ja, mijn vader ( en moeder ) leven nog.
@Marianne : typograaf en overschie : kan het toevalliger. Waar woonde jij ? Waar werlte hij ?
Wij hadden thuis ook een boerderij,akkerbouw spruiten,bieten,tarwe,gerst en aardappellen,geen vee,dus we wisten precies wat vader deed,er was altijd bedrijvigheid,en als we uit school kwamen was ik altijd benieuwd wat er nu weer gaande was.
Soms kwam je thuis en stond er een nieuwe machine op de werf,dan waren er weer vertegenwoordigers of verkopers.Het was een mooie tijd.Met eten,en zelfs bijna altijd met koffietijd was vader thuis.Ik ben in zijn voetsporen gevolgd en love it every day.
Het werk van je vader..leuk log…
Over het werk van mijn vader heb ik hier al eens een log geschreven: de kruidenier.
Mijn vader deed zijn werk met plezier, al had hij liever iets anders willen doen.
Maar ja, dat ging zo vroeger, je bleef in je eigen “stand”, in dit geval de kleine middenstand: mijn opa had een slagerij.
Ook ik had dus een vader die altijd thuis was, ik wist niet beter en ik vond het altijd een beetje vreemd als ik uit school bij een vriendinnetje ging spelen en er was alleen een moeder thuis.
En als vaders dan thuis kwamen gingen ze zitten, koffie drinken, krantje lezen en wachten tot het eten klaar was.
Mijn vader was ’s avonds nog net zo druk aan het werk voor de winkel als mijn moeder in het huishouden en met de kinderen.
Zes dagen per week buffelen, jaja, de “vrijheid” van de kleine middenstander….
Mijn vader was procuratiehouder op een bank, als kind had ik geen idee wat dat voor moest stellen, toen hij daar later directeur werd, deed me dat eerder aan pipo’s dikke deur denken dan aan mijn vader.
Wel was het spannend dat als ik er wel eens kwam om mee naar huis te rijden, dat de kassier me zo een pakje met duizend gulden biljetten toegooide , ik had nog nooit zoveel geld bij elkaar gezien. Dat werd ’s avonds in de grote kluis opgeborgen.
Bij ons kwam voor zover ik weet nooit een loonzakje, het geld werd natuurlijk op de bankrekening gestort.
Mijn vader heeft verschillende banen gehad. Confectie-uitsnijder, bezorger van levensmiddelen en lange tijd werkte hij op een scholengemeenschap als schoonmaker/concierge. Als kind kwam ik weleens bij die school en mocht ik in de lege lokalen rondsnuffelen. Het laboratorium vond ik eng want daar stond Japie: een geraamte. Als tiener heb ik nog les gehad op de school waar mijn vader had gewerkt en dat was wel bijzonder: ik kende het hele gebouw! Door medische ongemakken heeft mijn vader lang niet kunnen werken. Uiteindelijk heeft hij nog enkele jaren als magazijnbeheerder bij een kruisvereninging gewerkt. Inmiddels is hij er niet meer maar ik ken mijn vader als kostwinner in het gezin en hij wilde altijd graag werken. Of hij loonzakjes kreeg, geen idee. Ik heb het in elk geval nooit gezien
Wat leuk,het verhaal van Bertus en alle reacties hier op.En als vanzelf gaan mijn gedachten naar mijn vader en zijn werk.Ook hij kreeg zijn loon in een zakje mee naar huis,om vervolgens van mijn moeder zakgeld te krijgen.
Hij werkte op een stro kartonfabriek,eerst als plakker,later als klever(of net anders om)In ieder geval was hij trots op de promotie en werden er thuis vele grappen over gemaakt.Heel soms mocht ik zijn brood trommel vullen,waar dan altijd iets extra`s in kwam.Een briefje tussen de boterham,of iets anders,altijd een niet te voorzien grapje.Mijn vader kon dit waarderen.Ook wij hadden teken papier volop.
Op een gegeven moment kwam de vijf ploegen dienst in het bedrijf.Mijn vader was erg gelovig en mocht niet op zondag werken.Samen met nog een collega en de dominee ging hij op gesprek bij zijn baas.Met als resultaat dat deze twee mannen alleen de dag diensten mochten draaien.De financiele consequenties nam hij(en mijn moeder)voor lief.Toen ik later de zorg in ging vond hij het logisch en geen probleem dat ik wel zondags werkte.
Mijn vader stierf(veel te jong)in het harnas.Ze stonden in de fabrieks hal te wachten,tot iedereen aanwezig was,om gezamelijk naar de begrafenis te gaan van een collega.Het was vrijdagmiddag.Thuis stond de appeltaart in de oven.Dit was de laatste,nooit heeft mijn moeder weer een appeltaart gebakken.
Dit alles is dertig jaar geleden,intussen ben ik een bestorven dochter,want mijn moeder is er ook niet meer.
Door het verhaal van Bertus,ging ik even terug in de tijd.
Mijn vader werkte op het Kaasmerk en ik had ook geen flauw idee wat het inhield.
En inderdaad als hij moest overwerken, zag ik mijn moeder blij de bruine envelop openmaken, want dan had hij natuurlijk extra loon gekregen.
rond de kerstmis kregen we in plaats van gewone boter, roomboter, want dat werd daar dan ook gemaakt.
Later begreep ik dat dit een fabriek was, waar de kaas merken werden gemaakt(nog steeds)
je weet wel die soort ronde stickers op zo’n hele kaas.
Binnenkort ga ik eens een keer naar de fabriek toe, op aanraden van iemand uit onze gemeente, die daar nu werkt.
Want ik bent toch wel erg nieuwgierig, waar mijn vader ruim 30 jaar dagelijks heeft doorgebracht.
@Bertus
Wij woonden op de Oost-Sidelinge.
Mijn vader werkte bij van Aartsen , ik dacht op de Provenierssingel en later bij van Dorp in de Boomgaardstraat.Ik weet niet of die laatste de naam van de zaak was.
Groetjes, Marianne
Bertus, was die drukkerij toevallig Kapsenberg?
De drukkerij waar ik het over heb is Arps op de Schiekade.
Maar …. ze hebben elkaar leren kennen bij Kapsenberg.
Ben benieuwd waarom je dat wilt weten.
Groet
Bertus
Bertus,
Mijn vader werkte op drukkerij Kapsenberg, hij is daar begonnen als snipperjongen (google kent dit woord niet terwijl ik het al 40 jaar ken, vreemd) en verdiende 2,50 per week, heel weinig dus.
Als snipperjongen moest je bij de snijmachines de snippers in grote jute zakken zien te krijgen, ik heb dat werk zelf ook nog gedaan als vakantiewerk, heel zwaar
Hij is op aandringen van zijn ouders (mijn opa en oma dus) naar de avondschool gegaan en veel diploma s gehaald en is uiteindelijk als bedrijfsleider daar weggegaan, later heeft hij er nogmaals een paar jaar gewerkt.
We praten nu grofweg over de periode 1935/1970
Ik ben toen als kind vaak in de drukkerij geweest, vader moest op zaterdag ook vaak dingen doen en dan liep ik vol bewondering langs al die imposante machines.
Ze maakten daar toen een wekelijks Flinstone boekje, dat had ik op school altijd al een week voordat het in de winkel lag,
daar kon ik de blits mee maken, voorzover ja daar van kan spreken als je 10 bent…
Soms was er bij ons thuis een soort zaken-avondje met belangrijke mensen, dan stond er op tafel een glas met sigaretten en sigaren, ik moest dan extra vroeg naar bed.
In 1981, we gingen naar de Stones in de Kuip, toen ben ik er nog langs geweest, de drukkerij was er nog maar gesloten (zaterdag) en we werden weggestuurd door e en of andere beveligings amoebe, ik ben er nooit meer geweest.
Vader is nu dood maar de herinneringen aan die drukkerij blijven, voor altijd…
@Leen : Wat bijzonder … jouw vader moet dan misschien mijn ouders gekend hebben. Hoe heette jouw vader, mijn ouders leven namelijk nog en kan ik vragen.
mijn vader heeft vanalles en nog wat gedaan hij is schoorsteen veger geweest later messenslijper , olietankers in rotterdam van binnen schoonmaken later op de grote vaart wat ie behoorlijk lang heeft gedaan en toen ging hij oud ijzer venten oud papier , later als automonteur , plaatwerker , autospuiter , stucadoor , tegelzetter , later handelen in restpartijen kleding en andere restpartijen later in de autohandel en nog talloze dingen meer hij was heel vindingrijk net zo als mn opa ze waren ook niet vies van een aardige slokje bier en jenever (dan zeg ik het nog beschaafd
) maar altijd eerst werken en de kost verdienen en dan pas een biertje